Reisverslag Pays des Cathares


27 mei tot 6 juni


Maandenlang lag ik al verlekkerd op de nieuwe kennismaking met "Le Pays des Cathares". In 2009 had ik reeds geproefd van deze streek middels een organisatie van Govaka in het eigenste "Domaine L’Espinette" in Quillan. Gezien deze fietsvakantie zich situeerde in mijn "periode voor Chr" kleuren de ervaringen en herinneringen nogal vrij wazig tot troebel. Vanaf 2011, mijn start van een nieuwe tijdrekening ("na Chr."), zijn de souvenirs helderder en scherper omlijnd.
Wat me wel bijgebleven was: de Aude of bij uitbreiding Katarenland is een prachtige streek maar bijzonder bergachtig: pittige parcours à volonté! Tijdens de voorbereidende briefing werd door Ignace en Marianne bevestigd. Ik weet bijgevolg wat me te doen stond...Uit de wielerkalender pikte ik enkele Ardennenrandonnées uit. De sortiekes van de Maas naar Mont Godinne en Maredsous en de citadel van Namur waren toch al een stevig voorgerecht voor er mij te wachten stond. De vertering verliep al bij al vlot; ik was bijgevolg tamelijk gerust gesteld.

Vrijdag 27 mei

Om 5u klaar wakker en de laatste voorbereidingen: gezien de humeurige bui van Pascaline kan ik mijn schoofzak zelf samenstellen. Geen nood, volledige concentratie en niets vergeten... (zie fototoestel vorige keer!). Omwille van Drongenjaarmarkt van gisteren en de Pallieter onbereikbaar, heerst er al om 6u15 een gezellige drukte bij de oplaadplaats. Fietsen en bagage worden zoals gewoonlijk professioneel geladen door Raoul en Co. Het afscheid van Pascaline verloopt nogal koeltjes: "Pas de nouvelles...bonnes nouvelles!" Opgewekte gezichten en prachtige vooruitzichten brengen me terug op temperatuur.
Niettegenstaande een ultieme oproep tot teambuilding via de busreis, hebben veel deelnemers voor de vlucht naar Carcassonne gekozen, 1 dag later. Het aangename gevolg is: om 7u start een 5*-class busreis. De verdere traditionele opstapplaatsen in Aalst en Groot-Bijgaarden overrompelen evenmin, dus ruimte zat bij het uitwisselen van anekdotes.
Via de Ring-West, Halle en Mons bollen we Frankrijk binnen. Co-piloot Ignace programmeert een koffiehalte in "Les Chantelles": het heerlijke vakantiegevoel duikt op! Via Laôn omzeilen we Reims en op parking "Campagne-Sud" houden we schaftijd. De wettelijke rustpauze noopt een stop in Troyes, de poort van Bourgogne. Grote wijnmerken langs de A6 (bv. Kriter, Veuve Ambal) en vignobles op de hellingen: Beaune komt in zicht. Tegen 16u30 laveren we de vertrouwde "Campagnile" binnen.
Zoals verwacht deel ik terug de kamer met Joske: discussies over de departementen en cols worden weer vaste prik! Het zwembad met uitzicht op de Grand Crus van Meursault is the place to be, de teambuilding gaat zijn gang! Mijn reisreportages worden fel geapprecieerd en dit geeft de schrijver moed om van deze reis ook iets pittigs te brouwen. Het avondmaal is traditioneel zeer goed: het uitgebreide saladebuffet gevolg door carbonnade bourguignonne (wijnsmaak aanwezig, alcohol verdampt?) en tarte flambée.
Een fluweelzachte avond vormt de insteek voor een rustige nacht. Mijn kamergenoot graaft nog eens in zijn Alpenanekdotes. Ergens in de vallée de Maurienne: "Joske, slaap wel makker!"

Zaterdag 28 mei

Aangenaam gewekt door het swingende bourgondische ochtendgloren. Sportieve tradities blijven gerespecteerd: om 7u ...een frisse duik in het zwembad. Blikken van ver- en bewondering reppen zich naar het ontbijtbuffet.
Tegen 8u is iedereen aangemonsterd voor een rit van 650 km. Een eind verder links klimt de goudgele zon boven de Côtes de Beaujolais. We duiken in de tunnels van Lyon, de kleffe warmte te gemoed. In Feyzin, onze voormiddagstop tussen de Elf-mammoetreservoirs, "genieten" we van glinsterende Rhôneboorden. De reuzeparking van St Rambert d’Alban vormt het decor voor het middagmaal: wat ontvreemde buffetrestanten uit Beaune.
Stilaan borrelen nostalgische herinneringen naar boven. De jaarlijkse trip met remorque naar de Camargue met ons gezin begon van hieruit steeds vorm te krijgen: aangenaam picknickend aan een tafelke en ik met mijn fris "palmke".
Hoe dieper in de Provence, hoe intenser de beleving: Pont du Gard, Nîmes, Lunel (hier stond de bungalow!) tot de bassin de Thau (Sète). De film van honderden kilometers met de fiets en idyllische familiemomenten. draait weer af De legitieme stop in Béziers-Sud doorprikt mijn ballonnetje: Narbonne en Carcassonne naderen. Ruïnes boven op de rotsen verraden onze bestemming: les Cathares sont là!
Tegen 16u30 pikken we onze reservespelers op aan het vliegveld "France Sud-Est". Weer een hartelijk weerzien met de gekende gezichten maar net als wij... 1 jaar ouder. De 50 km naar Quillan vliegen bijgevolg voorbij. Om 18u, een forse klim naar de "accueil" van Domaine L’Espinette. Mijn eerste axioma: mijn nuchtere aanblik van het domein toont meer gezelligheid dan de wazige alcholcontouren van weleer!
Joske brengt me weer in het heden: bungalow 223, een houten trap naar de 2e verd. Iedereen is snel geïnstalleerd want...de fietsen wachten op montage. Jaarlijks kijk ik uit naar dit moment. Kartonnen dozen en fietsenhoezen geven hun geheimen prijs: glimmende fietskaders en fonkelende wielen. Rond de camionette, in de mini assemblage, gonst een gezellige, nerveuze drukte. Tussendoor een tof weerzien met Grote Karel, de cyclo-côteur uit de Spaanse sierra’s. Hij voel ook relax, zijn privé mecanicien Raymond doet de montage. Ook voor mij speelt zich hier de ver-van-mijn-bed show af: mijn fiets komt gebruiksklaar te voorschijn en parkeer hem in onze bungalow want... het zwembad wenkt. Een aangenaam binnenbad en een vrij fris buitenbad...voor elk wat wils!
Tegen 19u30 verzamelen we in het restaurant voor de welkom en de briefing: optimisme is troef!! Het avondmaal kan niet rap genoeg opgediend worden: de finale van de CL wacht op mij. Met de appeltaart bij hand volg ik de 2e helft. Van de verlengingen en de triomf van R.Madrid geniet in mijn kamer.

Zondag 29 mei

Wekker om 6u45, vlug toilet gemaakt en...wat is er aangenamer dan verder te ontwaken in het zwembad. Lekkere temperatuur en volledig v oor mij alleen. De dag kan niet mooier starten. Tegen 7u30 ontmoet ik de collega’s reeds keurig in rennerspak richting ontbijtbuffet. Geen verwondering meer, mijn ochtendschema lijkt aanvaard. Enkele kniesoren kijken sip naar de betrokken hemel (zie Lozère 2013) maar tegen 8u30 staan iedereen aan de startlijn. Mijn sandalen steken schril af tegenover de professionele all-weather voetenoutfit van Raoul.
Gezien Joske en ik niet van het zelfde kaliber zijn en hij zeer specifieke interesses heeft (zoveel mogelijk colletjes en cols) zoeken we een oplossing voor onze sleutel: secretariaat nog gesloten, dus hem verbergen onder een opvallende steen.
De klassementsrijders zijn al vertrokken en ik start met Marianne, Raoul en Heinz. Een fikse duik naar Quillan tot het 1e rond punt: de Carrefour, een onprettig weerzien. Dit was indertijd mijn bedevaartsoord voor aankoop van mijn "spiritueux". God zij dank, nu is ’t anders!
We nemen de landelijke D-109: col St-Louis 10 km. Volgens de briefing een lekker opwarmertje maar wat blijkt... een tamelijk lang, stevig voorgerecht. Het aangename gezelschap zorgt voor een rustige vertering. Op de top (705m) worden zoals gebruikelijk de euforie vereeuwigd, met het bord (alt.) als ultiem bewijs. Raoul is prominent aanwezig; hij was vanaf mijn 1e deelname mijn begripvolle ombudsman.
De afdaling vergt sterke concentratie: tegen 10% duiken we Pyrénées Orientales (66) binnen naar Caudiès. Rustig kabbelen we bergop naar Sournia voor 1e bevoorrading. Camionette perfect opgesteld en vlotte bediening: ons nieuw team, Geoffrey en Kyra, scoort voortreffelijk! Een ferme afdaling naar Rabouillet strooit wat zand in de ogen, want hier is het bord "Col d’Aussières". Ik ben nog alleen met Heinz over. Gezien mijn ervaring van vorig jaar adviseer ik hem met zijn "brommerke" een eind voor mij te rijden. Dit lukt hem enkele km tot hij hulpeloos staat te wachten: batterij bijna plat! "Heinz, geen getalm. Rij tot de 1e café voor elektrische assistentie."
In motregen rond ik na 12 km de top (1050m) terug in de Aude (11). Met het gevoel "alleen op de wereld" daal ik naar Montfort (750m). In het portiek van een bar roept Heinz me enthousiast binnen. Zijn fiets staat tegen de toog voor een oplaadbeurt van 1u. Hij vormt de attractie op het moederfeest. Ik speel het spel mee met de "rivérains".
Juist bij buiten rijden van het dorp staat warempel de camionette. Ons wegblijven wekte bezorgdheid. "Sorry voor het wachten maar iedereen gerust en tot in Quillan". De lange afdaling (15 km) leidt naar Château Puilarens, steil gelegen boven de Aude, dreigend, impressionant.
Het druilweer drijft verder naar Axat. Een klein colletje Camperie (520m) is nog de enige hindernis voor "Le Défilé Pierre Lys", een machtige "gorges" van de Aude. Elke bocht, elke hoek is even fotogeniek. Na 3 km komt een moeilijk afscheid van dit fenomeen. Ik maak een ommetje doorheen le centre de Quillan, maar noppes, nada. Een sportterrein met veel ambiance nodigt uit: een rugbyderby tegen Castelnaudary. Een grimmig fysiek spektakel!
Tegen 16u30, na 97 km verrol ik de steen voor de sleutel, Joske is nog aan het klimmen! De 1e rit, niet te zwaar wordt door iedereen gesmaakt. Voor decompressie maal ik nog enkele baantjes in het zwembad.
Bij de gebruikelijk briefing en tijdens het avondmaal overtreft de ene belevenis reeds de andere. De barman, gesterkt door jarenlange ervaring, voorspelt voor morgen een fijne fietsdag. Deze ambiance en een goede,stevige maaltijd vormt nog altijd het succes van de fietsvakanties olv Ignace & Marianne!!!

Maandag 30 mei

Het dagelijks ritueel hoeft niet te wijzigen: aangenaam ontwaken in het zwembad en de invasie naar het ontbijtbuffet laten over waaien. Zo komt het dat ik rustig genietend van kaas en hesp op exquis brood, ik in gesprek kom met Pol uit Hever, een man met ook de "laat maar waaien" mentaliteit. Hij beweegt nog wat onwennig in ons "peleton"(debutant) maar hij zoekt snel sociaal contact.
Vandaag staat er een spectaculaire site op het menu: de Gorges de Galamus, die ik merkwaardig genoeg nog scherp herinner van 7 jaar geleden. Dus dat wil al wat zeggen! Het roadbook adviseert terug D 109 over de St-Louis, maar na overleg met Joske kies de iets drukkere D 117 met minder klimkilometers tot in St-Paul de Fenouillet. Grote Karel en Raymond, die me deze rit vergezellen vinden ook dat de Louis ons kloten kan kussen.
Zo vertrekken we tegen 8u45 naar Quillan en passeren terug de prachtige Pierre-Lys. Bij het verlaten van de kloof maakt de zon de vest overbodig. De kaart aan de info confirmeert onze routekeuze. Met wind in de rug (tot 40km/h) wordt dit een echte meevaller, bij zoverre dat we op het dorpspleintje van St-Paul, bij een heerlijke koffie de snelsten van onze groep zien passeren! Ongeloof staart ons aan..Hoe is dit mogelijk? Voor de lol poseer ik met de beker als virtueel leider in deze rit.
Van hier uit gaat het cfr. Ignace "kort en krachtig omhoog" naar de Gorges de Galamus. Het logisch gevolg: iedereen weg en ik alleen verder beukend tegen de wind en de helling. Zo bereik de parking van de Réfuge of de toegang tot de kloof. Enkele foto’s normaliseren mijn hartslag. Plots duikt ook Pol van deze morgen op. Van een toeval gesproken. Samen ondergaan we schoonheid en woeste kracht van dit natuurwonder. De foto’s bewijzen dat we er niet genoeg van konden krijgen.
Bij Cubières opent de kloof voor de terugkeer in de beschaving. Hoewel, de D14 krinkelt zonder levende ziel tussen boerderijen en bossen tot Soulatgé.
Hier, bij de splitsing zou de camionette staan maar...niets. Pol kiest eieren voor zijn geld en volgt rechts het parcours. Ik tracht hem toch te overtuigen mij te vergezellen naar iets enig: het Château de Peyrepertuse. Tevergeefs...dus alleen op avontuur: 4 km naar Rouffiac en dan steeds dichter naar de burcht en na 8 km Duilhac-le- Peyrp, aan de voet van de rots.
Bij het bord "sommet 4km" slaat de twijfel toe: de ruine staat vlak boven mij, maar zoo hoog!
Alle moed bijeen: "Ge komt hier maar één keer en wie kan dit zeggen op deze leeftijd"...Van steil 9% gaat het naar steiler 12% tot steilst 16% en dat kasteel komt toch zo traag nabij. Het vlucht precies weg! Uiteindelijk de laatste 150 m: stap af en te voet tot aan de poort. Imponerend. Wat een uitzicht! Een stempel op mijn kaart vereeuwigt mijn bezoek.
De afdaling is vanzelfsprekend ook niet gezeverd. Gelukkig weinig verkeer, maar dan nog in rotvaart tot in het dorp. Hier geniet ik van een uitgebreide stop. Een entrecôte met frites heb ik wel verdiend.
De terugweg is aanvankelijk dezelfde tot in Cubières. Hier kom ik op het B-parcour van Ignace. Tot mijn verbazing begint dit hier kilometers lang te klimmen tot col de Limas (680m). Het landschap wordt gedomineerd door de Pic de Butgarach, een enorme rotsmassa gelijkend op de Sella in Corvara. Koude rillingen, dreigende massa-energie!
De Louis laat ik links liggen en daal naar Rennes-les-Bains, een nostalgische therapeutische badplaats. Een bebloemd marktpleintje bekoort voor cola-energie. Deze komt goed van pas want 6 km bergop naar Couiza. Hier leidt de D 118 recht naar Quillan maar te druk. Een ommetje langs Espéraza lijkt veiliger. Tegen 17u30 na 123 km moe en voldaan terug in L’Espinette.
In het zwembad keert het gevoel terug van algehele relaxatie en het stevig avondmaal doet de rest.
Bij de briefing voor morgen tekenen de weergoden niet present: voormiddag regen en wind. Resultaat: de rit wordt geannuleerd en op grote aanvraag vervangen door busuitstap naar Carcassonne. Ik ben tot grote verwondering direct akkoord. Ik heb een vermetel plan maar zwijg: ik neem de fiets mee op de bus en keer in de namiddag terug naar Quillan. 2 vliegen in één klap: een langverbeid bezoek aan de Cité médiéval en een pittig avontuur per fiets. Voor het slapen gaan ligt mijn routekeuze al vast. Joske trekt zich van al weercommotie niets aan en heeft al een parcour naar Monségur uitgestippeld. Prettige nacht!

Dinsdag 31 mei

De weergoden geven inderdaad forfait: wind en amper 18°C. Vanuit het zwembad dreigen de regenzwangere wolken de vallei af te sluiten. Het zwemgenot wordt nog intenser. De meeste collega’s wandelen bedrukt naar het ontbijt. Enkelen verschijnen in fietstenue en proberen enthousiast over te komen en plannen het ritje van donderdag. Joske bekijkt de situatie stoïcijns en vertrekt om 8u30 naar zijne Monségur. Ondertussen groeit de inschrijvingslijst voor de busrit naar Carcassonne gestatig en merkwaardig genoeg zonder publiciteit. De ene port de andere aan.
Om 9u30 verzamelen aan de bus: 30-tal toeristen en 1 fietser. Mijn motivatie en doelstelling komt onwaarschijnlijk en wat verrassend over bij dit weer. "2 vliegen tegelijk vangen", dringt niet volledig door. Vanuit de bus oogt de D116 langs Limoux als een zeer drukke, kletsnatte weg en dus geen optie voor de retour.
Tegen 10u30 rijden we op parking langs de "le Cité Mediéval": zeer impressionant! Dit is de grootste middeleeuwse constructie in Europa en bovendien sinds 1997 Unesco-werelderfgoed. Ik haal mijn fiets uit de bagage en lijk wel een alien. Ondertussen lijkt de hemel boven de Cité uitgeklaard.
Bij de immense poort worden de obligate foto’s genomen en aan info-balie geraak ik aan mijn stempel. Ik realiseer dat na de Mont St-Michel deze site de drukst bezochte is in Frankrijk! De smalle straatjes zijn voorlopig nog vlot toegankelijk: kuieren en snuisteren dat het lust is. Souvenirwinkeltjes, tavernes en restaurantjes verdringen zich in te krappe pandjes. Ik laat mij ook verleiden tot aankoop van enkele "authentieke" souvenirs om bij thuiskomst Pascaline te paaien. Na een goed uur heb ik genoeg van en geef mijn aankopen in pand aan Polle. Ik kan me niet inbeelden om nog enkele uren van het ene terras naar het andere te zeulen.
Tegen de middag kan ik na een flinke plensbui mijn avontuur starten. Na wat zoeken langs de ring vind ik de richting Cazilhac van waar uit de D56 de beschaving achter zich laat. Uit de immense bossen ontsnapt zwaar gedonder, bij een nochtans heldere hemel. Plots... "Arrêt: Exercises Militaires". Enkele commando’s bollen door het gras en simuleren grondgevechten: géén foto’s!! Tijdens het staakt-het-vuren vervolg ik naar Ladern en Greiffel: prachtige natuur. In dit dorpje overvalt me een vredige rust: een uitnodigend kerkje en een leuke babbel op de mairie met de échevin du village. Toffe ervaring vast gelegd via enkele foto’s.
Ik doorkruis dorpen waar ik, fietser, als een curiosum overkom: Caunette, Villardebelle, Missègre. Een kuitenbijter naar Valmigère (710m) vormt nog onverwachte hindernis. Nu volgt de duik naar Arques, waar ik bij het kasteel (foto) de situatie eens bekijk (het is nu 16u). De drukke D 613 of een alternatieve weg die eindigt in putten en grint... Noodgedwongen de D 613 naar Serre: een tobogan, met veel kopwind.
Na enkele kilometer opgelucht linksaf naar Rennes-les-Bains, déjà-vu maar nu in de andere richting. Het contrast tussen de oude thermen en de nieuwe is enorm.
Voorbij het dorp 10 km bergop, in tegenstelling tot gisteren, naar Butgarach met zijn dominante rots. Ik kan mijn blik nauwelijks afwenden: satanisch dreigend! Ik draai rechts mee naar de St-Louis, hij is hier weer, zachtjes omhoog. Ik denk bijweg te nemen via gehucht Parahou :een propere afdaling maar nadien een stevige klim met de wind pal op de neus naar de D45. Dat valt hier serieus tegen, zeg. Quillan 16 km...eindelijk! In de afdaling naar Laval moet nog flink bij getrapt worden.
Tegen 18u30 bol ik L’Espinette binnen: 100 km. Ik ga mijn cado’s afhalen bij Pol en vertel likkebaardend mijn verhaal. "Hadden we dat geweten..." Ook Joske produceert een stevig relaas: Monségur en al zijn apostelen beklommen... een groot verschil met de citytrip! De briefing voor morgen is au sérieux: de koninginnerit staat geprogrammeerd. Tijdens het avondmaal worden reeds de strategiën uitgewisseld. Een goede nachtrust is onze aangewezen voorbereiding. 22u...Slaap wel.

Woensdag 1 juni

Om 7u oogt het domein fris-zonnig. Bij een lekkere plons in mijn "privé"zwembad (steeds alleen) stroomt de energie door het lichaam. Tegen 7u30 schuiven de collega’s goed geluimd aan voor het ontbijt. Als ik aan de beurt kom,schiet er weinig over. "Is het ramadan?" "Nee hoor, ’t is de koninginnerit hé!" De charcuterie en broodjes worden nadien terug genereus aangevuld.
Rond de camionette gonst een gezonde stress. Glimmende kuiten ontsnapt uit de "cuissards" en blinkende kettingen die op een rock&roll met de pions wachten! Echt de sfeer van de grote dagen. Wanneer ik met Grote Karel en Raymond vertrek is iedereen nagenoeg weg. Conform eergisteren laten we de "Louis" gerust en nemen we in Quillan de D117 door de Défilé. Bij het rondpunt voor Axat poseren we met de mascottes van de streek: de beren. De authentieke zijn al lang verdwenen, maar de "groene jongens" willen naast beren ook wolven importeren uit Polen (kostprijs 75000€/st) en loslaten in het gebied. Protest van de autochtonen uit zich in witgekalkte: "Non aux Ours. Non aux Loups" op het wegdek.
De stevige rugwind blaast ons weer tot Caudiès, waar we weer op het parcours komen (idem aan zondag) tot Sournia. Ik laat de 2 F-16’s verder vliegen en geniet kommerloos van het déjà-vu, tot een mobielhome met open opstapplank me rakelings, enkele cm van mijn benen, voorsteekt. Een resem vloeken en vuist omhoog...Geen reactie tot een beetje verder de belhamel stopt aan de "poubelles". Ja, hier was hij niet goed van: excuses en plank omhoog!
Na de bevoorrading wenkt het bord "Col Roc de Jalére-Ouvert" en opent tegen 12%. Gelukkig gaat nadien vlotter en genieten de "dolmen" achteloos verspreid mijn aandacht. Op de top ( 995m) wachten Jeffrey en Kyra: prachtige panorama’s met Prades in het dal. De felle wind jaagt me snel de diepte in: 10 km met spectaculair bochtenwerk. Enig!
Heelhuids vat ik "de" hindernis van de dag aan: col de Jau (16 km)! Na 2 km kruip ik Molitg-les-Bains binnen, een drukbezocht kuuroord. Tegenover de thermen bezwijk ik voor een bistro. Bij een koffie en sandwich creëert de patron direct ambiance. Ik eindig met mijn fiets aan de toog luisterend naar een verhaal van een voormalig etappewinnaar in de Tour, Robert Cazala. De toon is gezet en bergop (2 km) naar Mosset, lokaal centrum van parfum.
Nog 12 km naar de top en naarmate het aroma verdwijnt, verschijnen er meer wolken en wordt het merkelijk kouder. Het gemiddelde van 7% onderhoudt evenwel de lichaamstemperatuur. Enkele collega's o.w; Frans & Pol laten me ter plaatse en andere, enkele bochten lager, kunnen me niet krijgen. Deze klimsituatie geeft de strijder moed: van de minderen ben ik misschien de beste!
Op de top (1506m) nat en kil, brengt de camionette weinig beschutting. De obligate foto’s bij het bord worden rillend genomen. De afdaling, ongeveer 30 km naar Quillan kondigt zich weinig aangenaam aan: met de bibber letterlijk op het lijf op het gladde asfalt.
Na 19 km langs Ste-Colombe duik ik de Gorges de St-Georges binnen. Hartverwarmend spektaculair ondanks de koude. Axat en de Défilé in de regen jagen me naar Quillan. Fier en voldaan klim ik om 18u15 van mijn ros, na 127 km.
Enkele collega’s, verzameld rond de fiets van Patrick overleggen en knutselen aan het zadel. Een gebroken klem wordt vakkundig vervangen met een bric à brac constructie, gevonden in de BigMat. Een staaltje van simpele genialiteit en perfect teamgeest. Ignace glundert. Proficiat!
Het stretchen gebeurt zoals gewoonlijk in het zwembad: zalig,verkwikkend. Tijdens het avondmaal levert ieder zijn bijdrage tot deze heroïsche rit. Het parcours en de begeleiding was weer piekfijn geregeld door onze ervaringsdeskundige organisatoren, Ignace & co. Om 22u: slaap wel Joske!

Donderdag 2 juni

Tijdens het zwemmen voelen de benen lam en zwaar...Rit van gisteren niet goed verteerd? Zwaar bewolkt en 13° dragen ook niet bij tot volledig herstel. Niettemin volgt na het ontbijt een vlotte start voor de rit naar Monségur, ook van Patrick. Wat is die content zeg!
Rond 8u30 nemen we, Grote Karel en Raymond de D118 richting Limoux, een vrij drukke weg met gelukkig een "voie pour les vélos". Na 6 km links naar Espéraza, weg van de racebaan. Er volgt een vrij golvend parcours tussen de wijngaarden van de "Blanquette de Limoux", met oa. Le Serpent (390 m). Het roadboek zit vol valstrikken en enkelen missen een afslag en zien we voorlopig niet meer terug.
Op weg naar Casterleng gaat zo weer eindeloos omhoog tot 445m en ik voel dat ik mijn beste dag niet ga beleven.: alles beweegt, maar ik ga niet vooruit. Ook Sybille en co zitten in dezelfde schuit. De afdaling naar de "Abbaye de St-Benoit" komt niet ongelegen. Ik voel een devote opstoot denkend aan de Abbaye de Scourmont (Chimay).
Aan de camionette, bij een miezerige regen, pompen we elkaar nog eens op, want na de bocht wacht alweer de Col de St-Benoit (615m). Weer zo een smerige kadee! Ondertussen, over de top, fiets ik zoals meestal terug solitair en geniet van de lange, rustige afdaling naar Chalabre en volg naar Ste-Colombe. Hier strooien wegenwerken zand en roet in mijn gps en wordt het roadboek algebra. Geen nood, mijn gekende filosofie: ik kom wel ergens uit.
Het bord "Ariège 09" verrast me en in Laroque d’Olmen vraag ik de weg: "Direction Monségur svp,"... De autochtoon bemonstert me als een ET en zendt me naar Lavelanet 5 km verder.
Rond 13u rij ik een proper, levendig stadje binnen en plof me aan een tafel in restaurant "Le Théâtre" voor een dagschotel. Ik maak me sterk: de Monségur kan de pot op! Op mijn gemak bestudeer ik de kaart en de terugweg naar Bélesta lijkt me profijtigst.
Tegen 14u trek ik me in gang: de zon schijnt letterlijk en figuurlijk! Bij een ferme rugwind duikt terug de "Aude -11" op en Quillan: 27 km. De Col de Teil neem ik met plezier en het Château de Puivert doemt al op. Een forse afdaling verder staat het ineens voor mij. Nu rest enkel de Col de Portel (601 m) en langs de vlotste kant.
Op de top zoeft de bus voorbij: Ignace is ook weer gerust. Tussen de haarspeldbochten, in diepte ligt Quillan. Een bord heet me nogmaals welkom. Ik beantwoord met een stadsbezoekje. Op het marktplein verstoort enkel de bruisende Aude de stilte, voor de rest: dood en begraven! In de kerk dank ik God nog eens voor deze prachtige ervaringen: ’t is echt genieten!!!
Rond 16u30 en na 105 km vind ik onze sleutel, terwijl Joske zijn laatste "colletjes" nog af werkt.
In het zwembad vervoeg ik een roedel dames bij de aquagym. De after-t-dansant laat ik voorbij gaan. Gezien "Complet" verloopt het avondmaal nogal chaotisch en lawaaierig. Na een briefing aan de toog kunnen we valiezen klaar maken. Morgen wacht de verbindingsrit naar St-Girons...naar men zegt: "Gene zever!" Joske en ik zijn er gerust in.
Laatste keer: goede nacht in Quillan!

Vrijdag 2 juni

’t Is 6u45 en op weg naar "mijn zwembad" zie ik de zon reeds traag boven de groene bossen naar de blauwe lucht kruipen. Eureka! Het gesleur met valiezen contrasteert fel met de rust en kalmte van de vorige dagen. Chauffeur Luc stapelt vakkundig en Ignace ziet dat het goed is.
Rond 8u30 wuif ik L’Espinette uit. Het 1e gedeelte tot Lavalanet zit goed in mijn gps, het is hetzelfde als gisternamiddag in omgekeerde richting. Bijgevolg in Quillan rechts en direct Col de Portel (5km à 7,4%) ...pak maar aan. Bij het "A bientôt" kijk ik eens naar beneden, Quillan verdwijnt veel trager dan dat het gisteren verscheen. Op de top (655m), de 1e hindernis genomen en Frank speelt fotograaf.
In Puivert passeert de bus met onze gehele en halve toeristen, die opteren voor het laatste deel van het parcours. De weg klimt gestadig aan (4%) naar col de Teil (dep Aude-11 wisselt in Ariège-09) . Gisteren, in de andere richting leek dit traject veel lichter. De afdaling naar Bélesta en verder naar Lavalanet is "déjà-vu". Een vluchtige blik naar rest. Le Théatre cfr. gisteren en verder naar Foix.
In Les Chablets, bij de "déchetterie" walmt een enorme rook over de weg: brand ? Nee toch...stakers hebben een hoop paletten in brand gestoken om hun protest te visualiseren. Ik stop en krijg direct een vakbondsvlag toe gestopt.
Enkele km verder volgt een optioneel toetje: rechts af Roquefixade 4km. Een forse klim ipv rustig peddelen in de vallei, maar we doen dit voor Marianne. Zij heeft hier nog een gîte uitgebaat. Frank vereeuwigt ons in dit prachtig panorama. Op de top wacht onze camionette en Marianne troont ons mee naar haar "Le Troubadour", rustig, gastvrij. De uitbater is wat van zijn melk bij deze plotse invasie. Op een half uur draait hij zijn weekomzet!
Behoudens enkele zwaluwen is op het dorpsplein geen ziel te bespeuren. Deze site is ook Karl Van Nieuwkerke niet ontgaan: vive le vélo is hier al opgenomen. Echt rustgevend, de afwezigen hebben zoals meestal ongelijk.
We rijden verder over kam van de bergrug richting Foix. In Soula ontmoet ik een man, die met forse pas een invalidewagen voortduwt. Tijdens een bewonderend verhaal vertelt hij me over zijn bedevaart van Perpignan naar Lourdes (350km) voor genezing van zijn zwaar gehandicapt zoontje (hersenlesie na ongeval). Sympathisanten kunnen terecht op facebook "Le Sourire d'Hugo". Om stil van te worden...
Rond 13u duik ik Foix binnen, gedomineerd door zijn imposant kasteel. Op de markt zie ik onze toeristen rond kuieren. Enkele collega’s zetten zwaar in op de lokale taveernes. Voor mij volstaat een croque monsieur bij een magrebien.
Bij het buiten rijden 2 opties: ik kies voor en avontuur, de golvende richting naar St-Pierre en Serres (550m). Hier laat het roadbook de bewoonde wereld plots achter. Een smal, bochtig baantje kruipt naar en door een dicht bos. Geen kat en steeds maar omhoog, na een volgende bocht verwacht ik de poort van de hemel...Maar nee: het bord "Alzenâ" eindelijk. Evenredig gaat nu naar beneden tot ...in de hel ? Ook niet. Jeffrey en Kyra wachten me op in La Bastide op de D 117 naar St-Girons. De beschaving went vlot.
Na enkele km drukte tekent het parcours langs de vallei van de Arize door Durban en Clermont. Hier raakt ik bevangen door een prachtige stier, dominant over zijn harem. Een laatste knik naar Lescure en terug op D117. St-Girons wenkt! Een zalige afdaling bolt via het centrum tot hotel L’Eychenne. Om 17u staan er 127 km op de teller. Frans doet de fotofinish en... "’t is weeral gelukt!"
Joske verzorgt de welkom in onze aftandse suite: mijn valies staat aan mijn bed. Na het afwegen van onze avonturen duikt Jos in de bar en ik in het openlucht zwembad. Na deze slopende tocht is een verfrissing bij velen in trek. Het avondmaal verloopt oerdegelijk en om 22u "vertrekken" we naar de onoverwinnelijke Pyreneën. Dromen tot morgen!

Zaterdag 3 juni

Het voelt vreemd aan terug in een stad te ontwaken. Een schuchtere Pyrenëenzon begroet ons van boven de aftandse dakpannen. Het zwembad ligt in een binnenhof met rondom de gastenkamers. De begroeting van mijn nog slaapdronken collega’s situeert zich tussen half-begrijpend en half-enthousiast. Tijdens het baantjestrekken passeert het roadboek door mijn gps: vandaag het échte Tour de France parcours!
Bij het stevige ontbijt voelen we steile verwachtingen en ambities. "Matinée ensoleillée et des orages en après-midi" Laten we vlug vertrekken en...we zien wel hé! De start pal in volle centrum is meestal verwarrend; "Is het naar links of rechts?" Joske had het al voorhand uitgeknobbeld en ik volg zijn raad, wars van gps-en andere aanbevelingen.
Via Lacourt bol ik in pole-position de Gorges de Ribaouto binnen. Het gekende Guzet-Neige ligt rechtsaf. De eerste F-16’s schieten me volledig verrast voorbij. Ik rij door een diep-groene tunnel met links een klaterend riviertje volledig geïsoleerd in volmaakte stilte. Het enige contact met de beschaving zijn grote, dampende koeienvlaaien op het asfalt. De herkomst lijkt een raadsel te meer omdat ze nog toenemen.
Bij het binnenrijden van Biert valt mijn euro: "Bénidiction des vaches". Voor de grote zomerrentrée in de bergweiden worden de dieren komende van kilometers ver (te voet) onder massale belangstelling samengebracht. De plaatselijke geestelijke herder prevelt een formule ter bescherming en ledigt zijn wijwatervat.
Iets verder trekt een publiciteit mijn aandacht: grote namaakfietsen met "pension&location": Les Deux Vélos. Ik wil dit wel eens van nabij bekijken en wordt direct verwelkomd door een Hollands koppel. Zijn runnen een succesvolle fiets-B&B, een zestal Australiërs vinden het "amazing" en de beschikbare fietsen zijn om te stelen. Ik vertel mijn ambitie en: "Tot ziens en veel genot op de Agnes!"
Ja, de attractie van de rit komt dichter bij. In Massat is het zover: "Col d’Agnes 16 km". Op het marktpleintje onderga ik de authentieke sfeer van dit Pyreneëndorpje. Miel & co passeren en genieten ook mee. De eerste kilometers gaan als een tobogan gezapig omhoog. Vanaf km 4 voorspellen de kilometerborden niet veel goeds: 6,5 tot 7,5%. Effectief, elke km komt er ong. 70m hoogte bij. Af en toe een pauze, eens drinken en het landschap bewonderen hoort erbij. Zo wordt ingehaald door onze 3 vrouwtjes olv Sybille. Iets verder op volgen hun body-guards: Frank en Steve. Samen zwoegend verteren de kilometers enigszins vlotter. Mijn halte aan een helder beekje dopen zij in een "strechstop".
We komen stilaan boven de boomgrens: immense weiden doorboord door ruige rotsmassa’s. Eventjes sprakeloos. Een restaurant komt dichterbij, maar na kort overleg: geen stop, recht op doel: nog 3 km fors omhoog. De body-guards hebben ons boven reeds aangekondigd en komen terug naar beneden gebold: "Komaan nog ne kilometer!" Eindelijk de top en de camionette: 1570m de trofee Henri Desgrange! Het uitzicht is fenomenaal, foto's schieten te kort. Mijn gezelschap duikt direkt naar beneden, een technische bedoening: 10 haarspeldbochten! Ik blijf alleen achter en zet mij op een bank overweldigd door Gods schepping. Recht tegenover liggen de besneeuwde toppen misschien 1000m hoger. Ik voel me oneindig klein. Een onvergetelijk moment! Bij nazicht van het Tourparcours van rit 10 bewonderde ik toppen van de aankomst Andorra-Arcalis. Fantastisch!!!
De diepte voor mij brengt me terug in de realiteit. De afdaling wenkt maar... zééér voorzichtig. De 10 km vliegen voorbij en op gloeiende velgen duik Aulus-les-Bains (750m) binnen. De bus met Ignace staat strategisch: links op Col de la Trappe, rechts de "Vallée du Garbet"en voor mij het terras van "L’Etappe". De keuze is vlug gemaakt. Hier vind mijn ploegmaats terug: een gezellige bedoening in het hol van de Pyreneën. Ik volg hun voorbeeld: een stevige "assiette montagnarde".
Ondertussen begint het boven de toppen vervaarlijk, dreigend te rommelen. "Des orages en après-midi !!!" Frank en Steve laten zich niet kennen en gaan voor La Trappe, ik volg de dames door de vallei, La Trappe kan de pot op.
Een stevige meewind blaast ons 20 km verder naar Oust. Hier kiezen mijn 3 gazelles voor de kortste weg naar St-Girons. I k neem via het rugbyterrein de richting Seix, waar ik terug op het parcours kom. Op beregende wegen rij over de Pont de Taule het stadje binnen. Zelfs in deze kloddernatte bedoening toch een idyllisch hoekje, een voorbijganger vereeuwigt mij. Plots hoor ik mijn naam...Joske zit hier warempel op een terras bij een pint en een lokale schotel.
Samen rijden we verder naar Sentenac, waar inderdaad "de straat van 15%" ligt. Kreunend hijsen we ons naar boven. Gelukkig bij dit weer, staat de lucht bol van de O2! Via godvergeten, steile weggetjes klimmen we in de regen naar La Soumèze tot de Col de Catchaudégué (893 m). Eigenaardig genoeg, boven dien ik op Joske te wachten (schotel van Seix te zwaar op de maag?). De afdaling naar Allos over spekgladde wegen verloopt bibberend, we spelen op veiligheid. Bij een tweesprong kies ik voor St-Girons 12 km. Jos, die zijn bollekestrui definitief veilig wil stellen, opteert voor de Col de Portet, ondanks dreigend onweer. Via Lacourt (zie deze morgen) bol ik tegen 16u30 St-Girons binnen na 97 km. Bij een stil moment in de kerk kan ik deze formidabele rit tussen mijn souvenirs een plaats geven. Dank U wel Schepper van dit unieks!
Terwijl ik rustig mijn baantjes trek, stel ik vast dat enkele collega’s het fietsen reeds voor bekeken houden: zondag is rustdag! Fietsen worden met ontzag gedemonteerd en in de dozen geladen. Voor mij geldt het principe: "De ledigheid is des duivels" en morgen er terug tegen aan.
Op de gang hoor ik iemand sjokkend naderen; Joske, doorweekt tot op zijn vel, heeft zijn trui beet! Rillend op zijn benen trekt hij zijn natte klodden uit: "Was me dat een onweer op de Portel! Gij waart toch de slimste hé!"
Bij het avondmaal eind goed, al goed, maken we het strijdplan op voor morgen: de col de Portet Aspet wacht!

Zondag 5 juni

Het 7u en een ferme bries verjaagt de resten van de onweders terug naar "af". Op de binnenkoer en het zwembad regeert de zondagsrust, geen levende ziel tenzij...Ignace. Hij geniet van een mix van kristalheldere berglucht en neurotisch-verslavende nicotine. Rondom verraden dichte gordijnen het laatste -dag- syndroom. De ploeg Grote Karel & co nemen in alle stilte afscheid. Zij vrezen overstromingen en stakingspiketten rond Parijs. Ondertussen legt Joske de laatste hand aan het parcours over de Portet d’Aspêt.
Bij het ontbijt overruled vrijetijdskledij de koersoutfit. De meeste collega’s opteren voor een rustige uitloop na een pittige week of familie prime time. Enkelen kiezen voor het voorgestelde parcours (90 km), dat volgens mij niets nieuws bevat.
Rond 8u30 rijden we via Av. Foch uit St-Girons richting de mistige toppen . De D 618 vordert zachtjes omhoog naar Castillon, de opklaringen te gemoed. Johan, enkele versnellingen hoger wenst ons "Amuseer u". We gaan rechts en voor ons doemt "onbereikbaar" hoog een dorpje op: we zitten goed!
Enkele km verder stuift Johan terug voorbij: wegvergissing, snelheid en concentratie accorderen niet altijd. Tergend traag naderen we onze prooi. Om 10u30 bengelt Saint-Lary aan de gordel. We ondergaan de idyllische zondagsstilte: een bruggetje met een sober kerkje, bar-tabac en alimentation générale. Dat is ’t!
Het gevecht gaat verder tot in Portet. Hier is het even slikken: "Sommet 3 km" en nog 280m hoogteverschil! Is me dit even slikken zeg! Op mijn tandvlees wordt ik op de top (1069m) breed lachend door Joske begroet. Ik zoek tevergeefs naar een bistro (was bij mijn vorige passage (2002!) wel aanwezig) voor een stempel. Een kwik bronnetje brengt soelaas. De toppen rondom baden in de zon: weer een toffe stunt, een enig gevoel.
We duiken de Haute-Garonne (31) binnen. Wees op uw hoede: de "Muur v/d Pyreneën" ( tot 16%) kent geen medelijden. Deze tragiek wordt bevestigd in de voorlaatste bocht: het grafmonument van Roberto Casertelli. We staren sprakeloos, wezenloos naar de foto van de verongelukte olympische kampioen (18 juli 1995). We trachten het waarom te begrijpen, maar zelfs bij dit 3e bezoek vind ik in mijn geloof geen antwoord.
Beneden over de Ger nemen we rechts de richting Aspet, links begint de Col de Menthé...laat dit vandaag maar zo. De stralende zon lokt veel cyclo’s. Na een 15km bol ik het levendig stadje binnen. Van "Pantani" geen spoor... verzopen in de drukte? Op de Gr’dPlace wacht ik. Uiteindelijk daagt hij op maar ...peddelt me straal voorbij zonder een blik. "Wat is dit nu?" Joske kan de pot op en ik plof neer in "Le café Français" voor een stempel, 2 cola’s en een gezellige babbel.
Zwaar geïrriteerd begin ik aan de Col de Larieu: "Ik heb de sleutel en vannacht mag hij in zijne bollentrui op de gang slapen!" In mijn grinta verschijnt het bord "Sommet 760m" verrassend snel. Maar naast dat bord, nog een grotere "surprise": Joske zit daar dood gemoedereerd een koekske te eten. "Ge zijt er al, ik wacht hier al een half uur..." Tot 10 tellen en niets zeggen is de boodschap. Hij vreesde dat we in Aspet te veel tijd zouden verliezen zodat hij zijn voorziene colletjes niet zou kunnen beklimmen. In dit prachtig landschap is dit vlug bij gelegd.
Via een lange afdaling naar Baret en verder naar Castelbranque laten we de Pyreneën definitief achter ons. In Mane draaien we de drukke D 117 op. Dit is geen optie voor "Pantani": "Links af naar Touille, daar ligt nog iets pittig, 2 kapkes op de kaart". Jawadde, de "Rue du Vieux Chêne", een straat van 300m tegen hoeveel %...16-17???
Jos is misnoegd, er staat geen bord "col". Bijgevolg geen punten! De kronkelende Ariège brengt ons langs La Bastide, Marcenac tot St-Lizier. Boven torent de kerk binnen een vestiging. Komaan, de laatste inspanning: enkele bochten tegen 10%, maar het loont de moeite. Een vredige Gr’d place zij het zonder bistro. Een prompte dame bij haar souvenierwinkeltje wenkt ons binnen: een cola en een rondleiding door deze Deense inwijkelinge brengt de historie levendig.
Om 16u rijden via centre ville naar het hotel, toch 92 km en vrij pittig.. We worden verwelkomd tussen fietskaders en kartonnen dozen: het inladen is begonnen. Ik maak mijn wielen los en samen met mijn kader verdwijnen ze onmiddellijk vooraan in de camionette. Het "Circuit des Cathare" zit er op: totaal 871 km. Tijdens het zwemmen draait de 8-daadse film nog eens af: het was PRACHTIG!!! Dank u collega’s, inrichters en begeleiders maar vooral Ignace.

Maandag 6 juni

Het feestgedruis na het avondeten heb ik rustig laten voorbijgaan. Tijdens het inpakken verwijlde ik reeds naar thuis, naar Pascaline.
Het is 7u en kan niet weerstaan aan een ultiem zwemrendez-vous. De sfeer aan het ontbijt is anders dan anders, geen fietskledij. Tegen 8u verzamelen en inchecken bij de ITA-Van Hovebus voor de rit naar Carcassonne. Al die dorpen en steden langs de weg , al die herkenningspunten en fietssouveniers vormen aangename gespreksonderwerpen.
Na een 2-tal uren "débarquement" in Aéroport France Sud-Ouest. Het is net geen leegloop van de bus, maar het s temt toch nadenken. Ik zet me comfortabel met de Memoires van Lucien Van Impe in de wachtzaal (niet veel groter dan een modaal treinstation).
Rond 13u komt er wat beweging in de meute: embarquement pour le vol en om 13u35 stijgen we vlekkeloos op. Na een vlucht van 1u40 landen we vederzacht in Brussel-Sud of te Charleroi. Samen met Filip schepen we in op de shuttle naar de "Midi". Een zwaar onweder met elektrische pannes smijt nog wat roet in het eten maar via Antwerpen vlotjes naar Sint-Niklaas. Ondertussen verwijl ik naar de collega’s in Beaune; deze manier van rentrée heeft toch ook zijn charmes en als écht team hebben we de vakantie beleefd. Bijgevolg: mijn geweten is gerust. Een wandelingske van een 3 km en om 8u (12 u onderweg!) in de armen van Pascaline.

Naar boven